Index pagina
Geschiedenis
Ook leuke sites
Zeg het anders priveWij kunnen er helaas ook niets aan doen!
 





 

 

10/27/2010: "DEMOCRATISCHE ONGERUSTHEID (DEEL DRIE)"

Opgesloten (67k image)

Zijn in Nederland Franse toestanden te verwachten, zoals in deel twee beschreven? Dat laat zich alleen maar raden. Niets is onmogelijk, zoveel is duidelijk. Grote waakzaamheid is geboden.

Klik op meer.


De naoorlogse Franse gebeurtenissen brengen in beeld dat ook in een ‘democratie’ zaken kunnen passeren, die in veel gevallen aan ‘totalitaire regiems’ worden toegeschreven. Zo kan ‘nazificatie’ zich voordoen zonder dat men op de verschijning van Hitler hoeft te wachten. Dit legt een in Le Monde (van 1 oktober 2010) besproken studie bloot. Het gaat om een minutieus dossieronderzoek van de levensloop van tachtig Duitse topambtenaren, uitgevoerd door Chr. Ingrao en gepubliceerd onder de titel ‘Croire et détruire. Les intellectuels dans la machine de guerre SS’.

De bedoelde topambtenaren hebben de Duitse universiteit in de jaren twintig doorlopen – in een Duitsland dat toen nog een ‘democratie’ was. Het onderzoek maakt duidelijk dat de nazificatie van de geesten dan al plaatsvindt en dus vooraf gaat aan die van de staat. Want gemeenlijk wordt die in de periode 1933-1940 geplaatst. In de voorafgaande jaren aan die periode leeft al een ‘volkse’ cultuur die tegelijk nationalistisch en racistisch is. Het idee leeft dat Duitsland in gevaar is, dat zijn territoriale integriteit en zijn raciale zuiverheid wordt bedreigd…

Zijn er ‘constanten’ te onderkennen die een functioneel geformuleerde ‘nazificatie’ (hier met nadruk op het nationalistische element) in beeld brengen? Daar lijkt het op. Wat men in ieder geval steeds ziet terugkeren en wat ik als constanten ervaar, zijn ‘grandeur’ (nostalgie) en ‘bedreiging’ (van buitenaf en van binnenuit). Het zijn ook de elementen die in de Franse ‘casus’ (zie deel twee) een belangrijke rol spelen, juist bij extreem rechtse ‘elementen’. Ze zijn ook bruikbaar in de Nederlandse situatie, zo zullen we zien.

In het overwonnen Duitsland (WO I) drukken de financiële verplichtingen (herstelbetalingen etc.) die uit het Verdrag van Versailles (1919) voortvloeien zwaar. Mede daarin ligt ook het toenemen van het pauperisme onder de bevolking. Dit maakt de geesten van mensen rijp om deze in een bepaalde richting te masseren: terugbrengen van de grandeur van de natie. Op een zelfde wijze worden in populistisch-functionele zin ontwikkelingshulp en de miljardenafdracht aan Europa door de PVV gebruikt. De PVV Visie leert: stop daar eerst mee (om landsfinanciën op orde te krijgen).

Het idee van de ‘grandeur’ wordt in de PVV Visie gemasseerd met verwijzingen naar joods-christelijke en humanistische waarden die Nederland het succes hebben gegeven dat het nu heeft. Het is ook te danken aan de gewone hardwerkende Nederlanders. Over welk succes het gaat blijft onbelicht. De PVV Visie leert eerder dat het helemaal niet goed gaat met Nederland.

Uiteraard wordt ook voorbijgegaan aan het historische feit dat het economisch succes, mocht de PVV Visie daarop doelen, in de loop van de voorbije eeuwen vooral met barbarij samenhangt: eeuwen van roof en uitbuiting van vreemde volken in koloniale boeien geslagen, en wel tot diep in de negentiende eeuw. Lees ‘Max Havelaar’ (1860).

Wie dat inderdaad gaat lezen, zou eigenlijk moeten beginnen met het boek ‘Het recht op buit’ uit 1605. Daarin treft men aan de rechtvaardiging van stelen door Hollanders, zoals geformuleerd door de dan nog jonge jurist, te weten Hugo de Groot, die voor het schrijven ervan is ingehuurd door de VOC. Tot en met de ‘Politionele Acties (1946-1949) heeft Nederland zich als koloniale bezetter van een wingewest gedragen. Wat dit met humanistische waarden van doen heeft ontgaat iedereen die nadenkt.

Een constante noem ik ook ‘bedreiging’. Die bedreiging vindt men vaak gekristalliseerd in de ‘vijand van het volk’, zoals bij Hitler de ‘Jood’, die gekwalificeerd wordt als ‘luis’ of ‘punaise’. Het ‘zuiveren van de [Russische] bodem van alle schadelijke insecten’, gelijk Lenin al in 1918 proclameert, verplaatst ons naar een andere totalitaire situatie. Het is bekend hoe de jacht op de klasse ‘parasieten’ onder Stalin zijn vervolg heeft. In de nationaal-liberale visie van de PVV is het de ‘buitenlander’ die het moet ontgelden, waarbij het ‘tuig’ als culminatiepunt geldt. Dat moet worden opgepakt en uitgezet.

Het zal duidelijk zijn: ik vergelijk hier geen personen. Het gaat mij er om ‘constanten’ in patronen van denken te onderkennen en om een soortgelijke, corresponderende woordkeus te signaleren. Bovendien ben ik niet tegen de bestrijding van de islam, zoals ik ook voor de bestrijding van elke institutionele geloofsuiting ben, waaronder het rooms-katholicisme met zijn Vaticaan en pausdom. Tezamen genomen is te spreken over de ‘ellende van de religie’ waar we van af moeten. Het eerstvolgende nummer van De AS zal aan dat thema worden gewijd.

In de geïnstitutionaliseerde geloofsuitingen zitten totalitaire tendensen die zich laten mengen op statelijk niveau. De Franse president Sarkozy lijkt daar handig gebruik van te maken. Zelf gelovig rooms-katholiek en wetende dat veel Fransen althans latent rooms-katholiek zijn, laat hij zich graag op het Vaticaan zien. Onlangs heeft hij – nu hij een sociale strijd voert met de vakbonden over de verhoging van de pensioengerechtigde leeftijd – voor de derde keer tijdens zijn ambtsperiode als president een reis naar het Vaticaan gemaakt en de paus gesproken (Le Monde Magazine, 16 oktober 2010). Met name de ‘mediatiek’ daar omheen heeft uiteraard de functie van ‘massage’ van dat deel van de bevolking dat er gevoelig voor is.

Kan je nu zeggen dat Frankrijk en bijvoorbeeld ook Nederland richting een totalitaire staat koersen? Hebben ‘staten’ intrinsiek al niet een totalitair karakter? Gaat het om meer van het zelfde? Zitten we in een nieuw 1933 of niet? Trekt het straks allemaal wel over? Het zijn vragen waarop ook na deze beschouwing geen eenduidig antwoord is te geven. Wel is een aantal punten de revue gepasseerd waarop nadrukkelijk moet worden gelet. Die vereisen een grote waakzaamheid.

Zo valt niet te ontkennen dat Nederland eeuwen een ‘roofstaat’ is geweest, gelet alleen al op de betrekkingen met Nederlands-Indië. Nette mensen, Nederlanders dus, hebben nette studies (economie, rechten, sociologie, technische studies) achter de rug gehad om aldaar het bestuur over de inheemse bevolking te voeren. In latere jaren is daar zelfs een nette studie, Indisch recht, voor ontwikkeld welke studie in de nette stad Leiden kon worden gevolgd.

Hoe ‘netjes’ ook allemaal, het blijft gaan om kolonialisme en uitbuiting. Als ‘net’ iemand moet je je voor dat werk wel lenen. Er is een bepaalde attitude voor nodig om ‘kolonisator’ te willen spelen. Hebben we het hier niet over een zelfde categorie mensen als die uit de Duitse studie over topambtenaren of als die welke Lefort vat onder een ‘constante’ in de Franse politiek (groepen mensen uit extreem rechts, nationalisten, kolonisten, de dictatuur lovend)? Ik vermoed van wel.

Sommigen van die mensen konden daar niet meer tegen, kijk naar Douwes Dekker (1820-1887; Multatuli), kijk naar Sicco Roorda van Eysinga (1825-1887). Van te voren is dat niet te zien. Zo doorloopt Roorda van Eysinga de Koninklijke Militaire Academie te Breda en wordt hij officier van de genie bij het KNIL.

Hij is getuige van de ellende van de plaatselijke bevolking op Java en schrijft daarover het gedicht ‘Vloekzang’ (Multatuli zal dat in de vierde druk van zijn ‘Max Havelaar’ opnemen). In 1887 verschijnt van hem dan zijn onthullingen over koning Willem III onder de titel ‘Uit het leven van koning Gorilla’. Inmiddels is Roorda van Eysinga door het Nederlands gezag uit Nederlands-Indië verbannen en leeft hij als zelfgekozen banneling in Zwitserland…

Met hem, en anderen met hem, is het dus ‘goed’ gekomen. Maar met hoe velen is dat niet het geval geweest en hebben gedrild en hebben zich laten drillen om de verzetsstrijd van de inheemse bevolking aldaar te breken. Was het niet tijdens de naoorlogse politionele actie een bekend gezegde ‘sla alles neer dat zwart is tot kachelpijpen aan toe’? Ik spreek dus over Nederlanders in Nederlandse krijgsdienst buiten de Nederlandse staatsgrenzen! Al te vaak wordt vergeten dat Nederland zijn ‘Algerije’ heeft gekend…

Ten behoeve van de waakzaamheid waarover ik het heb, is het goed om aan de hand van verschillende ‘constanten’ te zien of en hoe naar beproefde met totalitarisme samenhangende patronen van denken en handelen wordt teruggegrepen. Daarbij kan aan het continuüm ‘democratie – totalitarisme’, dat Claude Lefort in zijn geschriften activeert, enkele meetpunten worden ontleend.

Zo brengt hij ‘democratie’ – voor de duidelijkheid – naar een enkel formeel punt terug: de politieke macht wordt niet door één persoon, partij, ‘organisatie’ geïncorporeerd. Die politieke macht wordt slechts periodiek ingenomen, waarbij de roulatie tot stand komt via periodieke, vrije, geheime, algemene verkiezingen. Er is in dat geval sprake van wat de Amerikaanse politicoloog Robert A. Dahl lang geleden ‘polyarchie’ noemde.

Waakzaamheid is dan geboden met betrekking tot de wijze waarop welk soort ‘attitude’ wordt ‘gemasseerd’ om juist die attitude zich te laten manifesteren (aanspreken van extreem rechtse gevoelens, ideeën ten behoeve van stemmenwinst, bijvoorbeeld), die leidt tot aantasting van dat ‘formele punt’. Ook moet men oog hebben hoe bijvoorbeeld ‘antiterrorisme’ als functie van installatie van totalitaire structuurelementen in het staatsverband worden ingepast (denk aan allerhande ‘toezichtelementen’: bespieden (cameratoezicht), afluisteren, infiltratie, provocatie).

De secretaris generaal van de Franse vakbond CGT onthulde de aanwezigheid van politiemensen als vakbondsmensen gecamoufleerd, die demonstranten trachtten aan te zetten tot misdrijven (‘poussent au crime’) tijdens de acties tegen de pensioenvoorstellen van de regering (Le Monde, internetversie van 27 oktober 2010). Als reactie op deze vorm van uitlokking volgend gedrag is dan politie-ingrijpen te legitimeren (denk in Nederland bijvoorbeeld aan het misbruik door het politiegezag van art. 140-141 Wetboek van strafrecht).

Wat te doen? Op zijn minst zou gedacht kunnen worden aan het instellen van een ‘Comité van Waakzaamheid Democratische Ongerustheid’ dat nauwlettend dit soort ontwikkelingen in kaart brengt. De intentionele inzet daarbij wordt gevoed door de gevoelde noodzakelijkheid om een postkapitalistische maatschappij te laten ontstaan. Voor de verbeelding daarvan is gebruik te maken van de mutualistisch-economische denkbeelden van Proudhon om die te combineren met vormen van directe democratie in federatieve verbanden.

Aan die intentionele inzet is ook het verzet te ontlenen om medewerking te geven aan hetgeen de ‘foute’ kant op wijst. Hier vloeit de intentie over naar ‘burgerlijke ongehoorzaamheid’ (zie hierop deze site).

Zie deel één
Zie deel twee

Beeldmateriaal Siné Hebdo nr. 37, 20 mei 2009.

5 Reacties


Ellende van de religie: prima. Maar een gelijkaardige ellende hebben de niet religieuze "zedelijke leiders" teweeg gebracht, waarvan Robespierre de eerste was, die zich als de meest verlichte presenteerde. Ikzelf ben geneigd Wilders, die feitelijk een ultramontaanse ideologie van een vrijdenkerssausje voorziet om aan de macht te komen, op het gebied van kuntpolitiek gelijk te stellen aan de Taliban.

zei: jan bervoets op 27/10/2010 om: 20:10u

Een meer recente chronikeur van de Nederlandse koloniale geschiedenis is Ewald Vanvugt (zie zijn pagina http://www.antenna.nl/~fwillems/nl/ev/index.html) Hij heeft inmiddels een flinke reeks boeken geproduceerd. 'Bloed aan de Klomp' bijvoorbeeld verzamelt de 'binnenlandse kritiek' door de eeuwen heen.

zei: keest op 27/10/2010 om: 23:48u

En als ik denk aan wat er aan grootsch verricht is in de Oost nog in mijn eigen levensdagen dan komt mijnheer Gonsalves boven, procureur-generaal en AVRO-bestuurslid, naar wie een prijs genoemd is, en die graag wat inlanders neerknalde in de Baliemvallei (Gunsalvo) als het zo uitkwam. Ze leefden nog in "het stenen tijdperk" dus verdienden er waarschijnlijk helemaal niet te zijn volgens de VOC-mentaliteit, toch?

zei: Prul op 28/10/2010 om: 14:11u

Ik bedoelde eigenlijk 'Nestbevuilers' (van Ewald Vanvugt) da's een bloemlezing van critici. Bloed aan de Klomp vertelt de geschiedenis zelf. http://www.antenna.nl/~fwillems/nl/nest/index.html

zei: Keest op 28/10/2010 om: 19:29u

Een gewaarschuwde bevolking zou voor twee moeten tellen...

Ik heb het idee van een ‘Comité van Waakzaamheid Democratische Ongerustheid’ ook al eens geopperd, maar de geesten zijn kennelijk nog niet rijp...

zei: Jan Bontje op 28/10/2010 om: 19:33u


Powered by Greymatter