Index pagina
Geschiedenis
Ook leuke sites
Zeg het anders priveWij kunnen er helaas ook niets aan doen!
 





 

 

01/01/2010: "MIJN ANARCHISME"

PanA (100k image)
Mijn anarchisme? Wiens anarchisme? In dit geval dat van de Engelsman Herbert Read (1893-1968), de libertaire maatschappijcriticus, kunstcriticus en cultuurfilosoof. Deze brede belangstelling maakt zijn anarchisme van een pragmatische type. Dat is wat nodig is in deze duistere tijden, om het anarchisme over een zo breed mogelijk maatschappelijk veld te verspreiden. Opdat er een echte A pandemie uitbreekt: het anarchisme als algemene volksziekte, te beginnen in 2010 en waartegen geen serum is opgewassen.

Klik op meer.


Onlangs is in de vorm van een brochure verschenen de uit het Engels vertaalde tekst van Herbert Read getiteld ‘Mijn anarchisme’ (1966). Read schrijft deze korte tekst enkele jaren voor zijn overlijden. Aan het eind van zijn leven blijkt hij er de behoefte aan te hebben zijn zienswijze met betrekking tot het anarchisme samen te vatten. Dick Gevers en Bart Schellekens tekenen voor de vertaling ervan. De tekst van Read laten zij vooraf gaan van een beknopte biografie over hem.

Je kan Reads tekst beschouwen als een ruim beargumenteerde bespreking van een breed opgezette bundel artikelen over de anarchistische traditie, getiteld ‘Patterns of Anarchy’, samengesteld door Leonard I. Krimerman en Lewis Perry (New York, 1966).

Alleen al de keuze om deze bundel te kiezen als uitgangspunt voor een overdenking van de eigen anarchistische visie, is veelzeggend. Read kiest voor de mentale confrontatie niet voor één of enkele anarchistische denkers uit het verleden, maar voor een groot aantal van hen. Hij laat dan ondermeer zien wat hem in hen aantrekt en waarom dat het geval is. Hij laat ook zien hoe een mogelijke lijn valt door te trekken.

Een voorbeeld is wat hij ten aanzien van Kropotkins inzichten in de oorsprong van moraliteit opmerkt. Volgens Read hebben die een stevig fundament gekregen in de waarnemingen van de ornitholoog Konrad Lorenz. Zou hij tijd van leven hebben gehad, dan is het voorstelbaar dat hij nu op de bevindingen van de primatoloog Frans de Waal zou wijzen (moreel gedrag van mensen wellicht te verklaren vanuit onderzoek naar altruïstisch gedrag bij dieren).

Het meest blijkt hem in de bundel van Krimerman en Perry te hebben aangetrokken de stukken over onderwijs, die lopen van Godwin tot de Amerikaanse pragmatisch anarchist Paul Goodman. Dat Read hier voor ‘onderwijs’ kiest is niet vreemd. Waar hij zich een groot deel van zijn leven sterk voor heeft gemaakt is ‘instructie’ : mensen zich laten ontwikkelen tot ‘persoonlijkheid’ door individualisatie. En daarmee moet je beginnen in het onderwijs. Daarbij heeft hij een tweeledig doel voor ogen: de gelijktijdige ontwikkeling van de ‘uniciteit’ en ‘het sociaal bewustzijn ofwel de wederkerigheid van het individu’.

Het gaat volgens Read om de verzoening van individuele apartheid met sociale eenheid. Het individualisatieproces moet gelijk opgaan met het integratieproces. Dit concept van het samengaan mag volgens hem in een anarchistische filosofie niet ontbreken.

Het lijkt me de logica die achter het concept ‘sociale revolutie’ zit. Want zonder ‘samengaan’ krijgt men géén sociaal element gesmeed. Maar het begint bij de revolte, de persoonlijk beleefde weigering om aan opgelegd gezag gehoorzaam te zijn. Daarom vergeet Read niet te verwijzen naar de studie van Albert Camus, getiteld ‘De mens in opstand’. Laat de algemene volksziekte A maar uitbreken.

READ, Herbert, Mijn anarchisme; Uitgeverij Iris, Amsterdam, 2009; 33 blz., prijs € 4,50.

Beeldmateriaal ontleend aan Siné Hebdo, nr. 69, 30 december 2009.


Powered by Greymatter