Index pagina
Geschiedenis
Ook leuke sites
Zeg het anders priveWij kunnen er helaas ook niets aan doen!
 





 

 

04/16/2008: "Arbeit macht frei - deel 2"

De reclassering verwacht mij deze donderdag 17 april. Om ondubbelzinnig duidelijk te maken dat het weigeren een werkstraf te doen een beslissing is, en niet gewoon vergeten te komen, brief niet ontvangen of de trein gemist, heb ik de reclassering vandaag, 15 april, een brief gestuurd. De brief is gestuurd aan meneer A. Bak (geen grapje, die man heet echt zo!), die namens de reclassering Haarlem mij de tweede brief stuurde. De brief is CC gegaan naar Sjef van Gennip, algemeen directeur Reclassering Nederland.


ceesboeij (26k image)
Sommige dingen kun je niet verzinnen: gevangenisdirecteur Boeij

Klik op meer


NB. In de bajes van Zwolle zit Paul uit Nijmegen omdat hij een werkstraf niet heeft gedaan. Schrijf hem! Stuur brieven en kaarten naar:

Paulus
PB 1184
6501 BD Nijmegen

De brieven worden naar de bajes doorgestuurd.


Brief aan de reclassering:

LS.

Tot twee maal toe heb ik van uw organisatie, de reclassering, een schrijven ontvangen, waarmee u beoogt mij ertoe te bewegen te komen voor wat u noemt een “intake gesprek over het verrichten van uw werkstraf”.

Ditmaal wilt u dat ik verschijn op donderdag 17 april aanstaande, om 13.30 in Zaandam op het adres Gedempte Gracht 44.

Ik heb het de officier van justitie gezegd. Ik heb het menig rechter gezegd: het doen van dwangarbeid weiger ik. Tegen u zeg ik nu: ik zal opnieuw, voor de tweede keer, niet verschijnen.

Aangezien u met de tweede brief meent te moeten aandringen door middel van het dreigement Indien u aan deze oproep geen gehoor geeft, dan zijn wij genoodzaakt aan justitie te melden dat uw werkstraf door ons niet in uitvoering genomen kan worden. Dit kan er toe leiden dat u een gevangenisstraf moet uitzitten., ben ik genoodzaakt thans schriftelijk te reageren, teneinde u ervan te doordringen dat het getuigt van het volledig ontbreken van respect voor het individu, de keuzes van het individu, de privacy van het individu, en niet in het allerminst en op de laatste plaats de vrijheid van het individu om zijn of haar leven naar eigen inzicht in te richten, en dat u, de reclassering, zich als een marionet laat gebruiken door het ministerie van justitie, door het openbaar ministerie, teneinde uw eigen nut te bewijzen.

In uw eerste brief voegde uw organisatie een folder bij. De vanzelfsprekendheid waarmee u aanneemt dat eenieder die dit vod van u ontvangt ge’resocialiseerd’ dient te worden, een ‘fout’ heeft begaan, met andere woorden een persoon zonder waarde is die naar believen kan worden gekneed, aangestuurd, gedwongen; is van een zelfde achteloosheid als die waarmee de overheid waarvoor u werkt en die uw organisatie financiert, en aan wie u rapporteert teneinde uw bestaansrecht blijvend te garanderen, de argumenten verwerpt dat zij het zelf is die mensenlevens vernietigt, mensen daadwerkelijk kansloos maakt om een eigen leven te leiden of zelfs maar te overleven, en dit alles zo voort blijft doen om aldus de radertjes van dit economisch kapitalistische, zogenaamd democratische, machtsapparaat soepel te laten functioneren.

Het is dit systeem, dat mensen reeds op alle mogelijke manieren dwingt om zich aan te passen aan haar controlezucht, door het bestaan en in stand houden van arbeidsethos, grenzen, grenscontrole, identificatieplicht, biometrische paspoorten en cameratoezicht, woningen tegen woekerprijzen, consumptie gevoed door de uitbuiting van de derde wereld, het misbruik van dieren, wurgcontracten voor flexwerkers en zelfverrijking door stijgende topinkomens van ambtenaren en directies in het bedrijfsleven, dat u, door de samenwerking te kiezen met hen die namens deze overheid straffen opleggen en uitvoeren, steunt.

Ik zie in de reclassering geen organisatie voor mensen. Ik zie in de reclassering geen steun voor mensen, hulp aan mensen. Ik zie dwang. Ik zie niets meer dan een organisatie die leunt en zich baseert op cijfertjes en op slagingspercentages, die mensen in het gareel wil brengen, tot aanpassen denkt te kunnen dwingen, door hen in te zetten als gratis arbeidskracht op werkplaatsen waarvoor niemand wenst te betalen. Ik zie uitbuiting, voor de zoveelste maal, op de zoveelste manier.

Zou ik blij moeten zijn met de ‘kans’ die ‘de samenleving’ mij, als ik u geloven zou willen, zou bieden? Het is toch alles schone schijn? Want wat ís die samenleving nu eigenlijk? Het is een samenleving die verwerpt en uitsluit, die het zich graag door de politiek laat aanleunen dat mensen die geen verblijfsdocumenten bezitten burgers zijn zonder rang, een onderklasse, een soort ‘Untermensch’. En overal staat feitelijk geschreven: ‘Arbeit macht frei’. Wie niet werkt en leeft volgens de regels is lui, onbruikbaar, heet ‘kansloos’. Let wel: ik zet in dit verband het woord kansloos tussen aanhalingstekens, want wat ik kansloos noem, heeft niet dezelfde betekenis als wat de overheid ‘kansloos’ noemt. Als ik kansloos zeg, dan bedoel ik: verdrukt, onderdrukt, de eigen identiteit afgenomen. Als de overheid zegt ‘kansloos’, dan bedoelt zij daarmee dat zij geen kansen ziet het individu voor haar doeleinden te gebruiken.

Laat ik u vertellen. Ik ben niet kansloos. Ik ben niet onaangepast. Het is de overheid, uw baas, waarvan u zonder blikken of blozen slaafs menig opdracht slikt, volgzaam, zonder kritiek, die in haar bestaan op zich fout is. Het is in mijn verzet en protest tegen deze overheid dat ik menigmaal voor de rechter stond en sta. En dit hier is nu het gevolg: dat een rechter inziet dat het geen zin heeft om mij op te sluiten, aangezien dit mij sterkt in mijn opinie dat het hele idee van straf en opsluiting mensen treft die al uitgekotst waren. Meent nu deze rechter de oplossing gevonden te hebben in het opleggen van dwangarbeid, dan heeft hij het mis. Ik weiger eenvoudigweg aan dit zoveelste ‘Befehl-ist-Befehl’ te voldoen.

Nu heeft justitie een dilemma, want zoals u ziet is zowel het één, dwangarbeid, als het ander, gevangenisstraf, volstrekt zinloos. Misschien ziet u het dilemma niet, dat is in feite hetgeen ik verwacht. Ik ga er dan ook vanuit dat u, vandaag nog, klakkeloos een fax of e-mail naar de betrokken ambtenaren bij justitie stuurt, met de mededeling dat ‘de werkstraf niet in uitvoering genomen kan worden’. Het enige verzoek dat ik in verband hiermee aan u doe, is dat u deze brief meestuurt naar justitie, zodat ook zij daar weten dat het geen toeval is, of ongeluk, dat ik niet ben verschenen naar aanleiding van wat u een ‘uitnodiging’ noemt, of een ‘oproep’, maar hetgeen neerkomt op een dwangbevel. Het is een goed overwogen beslissing mijnerzijds om niet op uw ‘uitnodiging’ in te gaan en geen ‘werkstraf’ uit te voeren. Dienstbaarheid aan de samenleving uit zich niet, zelfs nooit, in het uitvoeren van opgelegde ‘taken’. Ik kies mijn eigen dienstbaarheid aan de samenleving, die een volledig andere is dan degene die de overheid voor ogen heeft, want zij is gericht tegen de overheid, voor de vrijheid, niet alleen van mezelf maar vooral ook van anderen: mijn vrijheid heeft geen waarde zonder die van anderen, en wanneer zij bezwaard wordt met bezit, verkregen door het misbruik en de onderwerping van anderen om op die manier mijn welvaart te kunnen garanderen, dan zal het mij weinig deren wanneer deze vrijheid voor eventjes ook mijzelf letterlijk wordt afgenomen.

Tot slot, meneer Bak – uw naam schijnt mij nogal toepasselijk toe! – doen u en uw collega’s nu uw werk, denk daar wel of niet bij na, maar wat mij betreft: weiger dit werk – als u durft - nog langer te doen, en zoniet: blijft u zich onbewust van de touwtjes die uw handelen aansturen als u dat aangenamer toeschijnt; hoe dan ook hoop ik dat dit alles duidelijk is zo, hetgeen wel zal moeten want ik schrijf een brief als deze maar één keer en laat deze niet door een tweede volgen. Rest mij u te zeggen dat ik nooit meer iets van de reclassering hoop te vernemen: u kunt zich de moeite besparen.

Joke Kaviaar


Powered by Greymatter