Index pagina
Geschiedenis
Ook leuke sites
Zeg het anders priveWij kunnen er helaas ook niets aan doen!
 





 

 

03/10/2008: "Solidariteit"

SOL.1 (85k image)

Is solidariteit tot maatschappelijk systeem uit te bouwen?

Klik op meer



Solidariteit is een vaak gebruikt woord in allerlei kringen. Als het om groepsidentiteit gaat, gebruikt men bijvoorbeeld het woord ‘solidair’ om de gemeenschappelijk gevoelde verantwoordelijkheid of het groepsbelang uit te drukken. Arbeiders kunnen zich solidair verklaren bijvoorbeeld met andere arbeiders die in staking zijn. Een andere groep, bijvoorbeeld studenten, kunnen zich daar bij aansluiten: “hun strijd is ook onze strijd”, wordt dan gescandeerd. Solidariteit beschrijft dus een relatie tussen mensen, die het bewustzijn hebben van een gemeenschappelijk belang. Dat belang brengt een morele verplichting tot wederkerige bijstand tussen die mensen mee.

Het is mogelijk dit idee van solidariteit tot een maatschappelijk concept uit te bouwen. De maatschappij wordt gemodelleerd naar een solidaire structuur van wederkerige hulp, wat zelfs wereldomspannend vorm is te geven. Zo gezien lijkt solidariteit juridisch te bewerken. Meer dan honderd jaar geleden heeft iemand van radicaal socialistische huize, de Franse politicus en sociaalfilosoof Léon Bourgeois (1851-1925) het concept voor een dergelijke opvatting over solidariteit geleverd.

Bourgeois is een van de kinderen van een vader, die het vak van horlogemaker in de Zwitserse Jura uitoefende. Juist in die tijd, daar en onder die groep vaklieden vindt de anarchistische boodschap van Bakoenin vruchtbare grond. Ik heb geen relatie tussen dat feit en de gedachteontwikkeling van Bourgeois gevonden. Zijn naam zei mij overigens niets.

Aan deze ook in Frankrijk weinig bekend gebleven persoonlijkheid besteedt Serge Audier, een docent filosofie aan de Sorbonne (een van de Parijse universiteiten), een overzichtelijk boekje, getiteld ‘Fonder la solidarité’ (Solidariteit instellen). Het gaat Audier erom het denken van Bourgeois over solidariteit te schetsen.

Bourgeois studeert rechten en promoveert daarin. Hij studeert ook taalkunde (Sanskriet) en filosofie en is artistiek actief (beeldhouwen). Al vroeg stapt hij in een bestuurlijke loopbaan, eerst op departementaal nadien op nationaal niveau. Hij is minister in verschillende Franse kabinetten met verschillende portefeuilles (Binnenlandse Zaken, Justitie). Hij vormt een keer zijn eigen kabinet, dat overigens na zes maanden valt. Internationaal krijgt hij grote betekenis onder meer voor de Volkerenbond. Zijn inzet wordt in 1920 beloond met de toekenning aan hem van de Nobelprijs voor de Vrede.

Ik geef toe, het is geen levensloop van een anarchist. Zou dat dan een reden moeten zijn zo’n persoon zwijgend te passeren? Ik vind van niet omdat er misschien wel wat van zijn ideeën over solidariteit als systeem en structuur is te leren.

In 1896 publiceert Bourgeois zijn boek ‘Solidarité’ (Solidariteit). Voorzover ik de uitleg van Audier begrijp, omvat die tekst een alomvattend pleidooi voor maatschappelijke solidariteit. Tevens wordt duidelijk hoezeer de persoon van Bourgeois een drijvende kracht is om die solidariteit structureel maatschappelijk gestalte te laten krijgen. Zijn denken (als sociaalfilosoof) en handelen (als politiek bestuurder) vallen in dat geval samen.

Hij is in zijn tijd de inspirator van sociale wetgeving aangaande arbeidsongevallenverzekering, de arbeidsduurverkorting, de pensionering, wetgeving ten behoeve van de volksgezondheid (hij verloor zelf eerst zijn dochter en een aantal jaren later zijn vrouw, beiden overleden aan tbc.)

Hij levert ook strijd tegen het klerikalisme en ijvert voor openbaar, gratis en verplicht onderwijs. De maatschappij moet politiek en sociaal georganiseerd worden, overeenkomst de ‘wetten van de rede’, stelt hij. De organisatie van de maatschappij vindt plaats door vereniging en coöperatie van individuen en groepen, gebaseerd op gelijkwaardigheid en vrije instemming. Zijn solidariteit kenmerkt zich dus door ‘associationisme’ (associatie, vereniging).

Het gaat om de creatie van een solidaire maatschappij van gelijkwaardigen. Feitelijke en natuurlijke solidariteit slaat zich mede neer, ter formele bestendiging, in juridische en contractuele solidariteit. Dit vertakt zich via de vele ‘Onderlingen’ binnen één land tot en met een Volkerenbond, als mondiale organisatie. Het gaat Bourgeois om ‘mutualisatie’ (mutuel, wederzijds, onderling, wederkerig) van de voordelen die men behaalt en de risico’s die men loopt in deze wereld, van micro naar macro schaal.

In het boek van Audier over Bourgeois vind ik geen anarchisten genoemd. Maar als men in de uitleg van zijn ideeën leest over ‘de solidaire structuur van de wederkerige dienstverlening’ denk ik onwillekeurig aan Kropotkin. En waar men leest over ‘credit mutuel’ gaan toch mijn gedachten uit naar Proudhon.

Die anarchisten hebben, uiteraard, niet een bestuurlijke positie als Bourgeois ingenomen, in het bestaande politieke en statelijke bestel van die dagen. Al evenmin als anarchisten, heeft ook hij geen kans gezien zijn ideeën als maatschappelijk systeem geaccepteerd te krijgen.

In zijn conclusie wijst Audier er op dat we in de hedendaagse, kapitalistische maatschappij, gebaseerd als die is op de tweedeling ‘winnaars’ en ‘verliezers’, weinig van die solidariteitsgedachte in enige omvang terugvinden. In zo’n wereld zijn er wellicht nieuwe kansen voor inzichten gebaseerd op solidariteit. We zullen maar zeggen: de discussie moet ergens beginnen.

Of ik optimistisch ben over de uitkomst van zo’n discussie? De Franse regering kent op dit moment een Minister van arbeid, sociale relaties en solidariteit. Een mond vol, maar een vloek natuurlijk, dat laatste. Zo is het gelijk belonen van mannen en vrouwen in mei 2007 vanaf dat moment uitgesteld tot 2010. Wat niet betekent dat dan gelijke beloning wel wordt ingevoerd (zie Le Monde van 8 maart 2008, p. 21, onder “L’égalité salariale en panne”, Gelijke beloning blijft steken).

AUDIER, Serge, Fonder la solidarité, (Solidariteit instellen), uitgegeven door Éditions Michalon, Parijs, 2007, 122 blz., prijs € 10.--

1 Reactie


De grote denker over solidariteit als existentieel antwoord op de dood in een atheïstische samenleving en een revolutionaire ethiek zonder executies is natuurlijk Albert Camus. En die komt uiteindelijk langs eigen weg ook op het anarchisme en federalisme uit...

zei: Jan Bervoets op 12/03/2008 om: 19:29u


Powered by Greymatter