Index pagina
Geschiedenis
Ook leuke sites
Zeg het anders priveWij kunnen er helaas ook niets aan doen!
 





 

 

09/23/2007: "Afrikaanse bioboeren vrezen uitsluiting van Engelse markt"

Het nieuwe Oost-Afrikaanse biokeurmerk, speciaal ontwikkeld met het oog op de Europese markt, loopt gevaar.
farmerswrkshp (18k image)
Workshop voor Afrikaanse boeren
Net nu ze hun zaakjes goed voor elkaar hebben en er flinks is geďnvesteerd, denkt de grootste Engelse keurmerkorganisatie erover de met het vliegtuig vervoerde producten niet als biologisch te erkennen.
Klik op meer.

Afrikaanse boeren zijn zeer kritisch over de discussie die de Engelse Soil Association (SA) op dit moment voert over luchttransport. Dat kan uitlopen op een uitsluiting van per vliegtuig ingevoerde producten, ook al voldoen ze verder aan biologische standaarden. Minder dan 1 procent van het Engelse voedsel wordt per lucht aangevoerd, maar dat draagt onevenredig veel bij aan de uitstoot van kooldioxide. Volgens campagnevoerders zou dat niet biologisch mogen heten.

De SA is maar een van de keurmerkorganisaties in het Verenigd Koninkrijk, maar ze controleert meer dan 70 procent van alle biologische producten in de distributiesector, en is daarom de bekendste. Een besluit van de SA zal een belangrijk signaal zijn voor andere certificeringsorganisaties in Europa.

Onderzoek van het Internationale Handelscentrum (ITC) van de VN, dat binnenkort verschijnt, neemt stelling tegen de visie van de SA. Alleen al in Kenia en Ghana, de grootste exporteurs naar het Verenigd Koninkrijk, zijn maar liefst 15.000 mensen afhankelijk van deze handel. “Deze exporteurs trekken zich de haren uit het hoofd”, zegt Alexander Kasterine, adviseur bij ITC. “Eén ervan vertelde dat ze vijf jaar lang de richtlijnen van de SA hebben gevolgd. Ze hebben geďnvesteerd in training en hebben verwerkingsmachines aangeschaft. Nu verandert de SA misschien van mening en zegt 'je mag ons logo niet dragen'.”

Volgens Kasterine pakt de SA de verkeerde. “Er zijn veel grotere vervuilers dan luchtvervoer, bijvoorbeeld de Engelse energie-intensieve landbouw.”

“Wij laten ons niet leiden door een discussie in Engeland,” relativeert Jaap de Vries, directeur van Skal, de enige certificeerder van het Eko-keurmerk in Nederland. “Het is goed om erover na te denken, maar onze prioriteit is: de Europese eisen. Die zijn al zo ingewikkeld dat ik vind dat we dat eerst moeten waarmaken.” Er bestaan aparte keurmerken voor regionale producten, voor wie dat wil, en bovendien, zo legt De Vries uit, is het vervoersmiddel niet een goede norm. “Wie zegt dat vervoer per vrachtwagen door stedelijk gebied niet nog belastender is voor het milieu?”

Neil Sorensen, communicatiemanager voor de Internationale Federatie van Bewegingen voor Organische Landbouw (IFOAM), die ook de SA vertegenwoordigt, zegt dat het op lange termijn belangrijk is voor de Afrikaanse boeren om een lokale markt te ontwikkelen. “Maar je kunt het ze niet misgunnen als ze zo veel geld kunnen verdienen met de export. Het is niet gepast om ze dat af te nemen.”

Afrikaanse telers in de wereldwijde markt aan biologische producten plukken momenteel de vruchten van investeringen in milieuvriendelijkere productiemethoden en de goede prijzen voor hun producten. Uganda exporteert jaarlijks 6,2 miljoen dollar (4,4 miljoen euro) aan biologische producten.

Van de biologische groenten en fruit in Engeland is de helft tropisch. 83% komt uit ontwikkelingslanden. Amarjit Sahota, directeur van het Londense onderzoeksbureau Organic Monitor zegt dat de SA een own goal dreigt te maken. “De praktijk is lastiger dan de theorie. Een consument zal, als hij geen biologische ananas kan vinden, een bespoten ananas kopen.”

Het Oost-Afrikaanse biokeurmerk wordt toegepast in Tanzania, Kenia, Uganda, Burundi en Rwanda, waar de biologische teelt 600.000 hectare beslaat. Intussen kiezen ook steeds meer Afrikanen voor biologische producten. “Niet alleen de rijken”, zegt Sorensen. “Ook in Uganda en Kenia kopen mensen het om gezondheidsredenen.” IFOAM werkt ook aan gelijksoortige standaarden in West-Afrika en de Zuid-Pacific. Een eigen keurmerk heeft als grote voordeel dat er geen Engelse controleurs hoeven worden ingevlogen.

De standaard is gebaseerd op de nieuwe EU-richtlijnen voor biologische productie. Ze zouden in theorie toegang kunnen garanderen tot de Europese markt, maar het is onduidelijk of Brussel het keurmerk als equivalent van de Europese keurmerken zal erkennen. Volgens een woordvoerder van de Europese Commissie is naar die mogelijkheid nog geen onderzoek naar gedaan.

Er zijn meer dan 400 nationale en private keurmerken voor biologische producten, zegt Organic Monitor, en vooral de Amerikaanse en Europese regels zijn niet verenigbaar. “Het duurt nog jaren voordat ze het eens zijn over harmonisatie”, zegt Sahota.

Bron: IPS-News


Powered by Greymatter