Index pagina
Geschiedenis
Ook leuke sites
Zeg het anders priveWij kunnen er helaas ook niets aan doen!
 





 

 

02/22/2007: "Macht en Conflictsituaties"

Macht, een verschijnsel om te analyseren, om er over na te denken en om te bestrijden. Dat levert conflicten op.
img014a (16k image)
Wat dan bestrijden als iets zo onzichtbaar is als elektriciteit en tegelijk zo voelbaar kan zijn als schrikdraad onder stroom?
Klik op meer.


Het nieuwe nummer van het Franse, driemaandelijkse, anarchistische blad REFRACTIONS (nr. 17), (zie de site: refractions.plusloin.org ; of schrijf aan: les Amis de Refractions, c/o Publico, 145 rue Amelot, 75011 Parijs) gaat in op machten en conflictsituaties. De kern waar de betogen over gaan, is de aanwezige dominantie van de ene mens over de andere, van de ene groep mensen, vaak een kleine, over de andere groep mensen, vaak een omvangrijke. Te denken is aan de wijze waarop het parlementarisme werkt of hoe het kapitalistische productiesysteem mensen onderdrukt.

Maar ook andersom: een grote groep mensen kan dominant zijn ten aanzien van een beperkte groep. Dat beweegt er al dan niet toe om over tolerantie en minderheidsrechten te spreken, om daarmee de dominantie van de meerderheid wat af te zwakken, minder voelbaar te laten zijn.

In dit geval staat het gedachtegoed van de Franse filosoof Michel Foucault aangaande zijn machtstheorie in enkele van de bijdragen centraal. Naast Foucault komt men ook regelmatig de naam van Gilles Deleuze tegen, die een kompaan van de eerstgenoemd was (beiden zijn overleden). Ik noem de naam van Deleuze hier; later kom ik op hem terug.

Zijn al die mensen zo maar onderworpenen of begeven zij zich vrijwillig in slavernij? Een problematiek die in Réfraction via een bespreking van de bekende tekst uit 1577 van E. De la Boétie, Vrijwillige Dienstverlening. Bevrijding? Dat kan effectief alleen zelfbevrijding zijn. Als een ander je bevrijdt, dan zal je al snel diens knecht zijn...

De vormen van dominantie kunnen zowel onmiddellijk zichtbaar en voelbaar zijn, maar ze kunnen ook symbolisch van aard zijn. In feite wordt macht iets als elektriciteit: niet zichtbaar, wel voelbaar, altijd aanwezig. Ga daar maar over praten, denken, schrijven. Foucault deed dat, anderen deden en doen dat ook. Sommigen gaan daarover met elkaar in debat, zoals eens Michel Foucault met Noam Chomsky. Dat debat vond plaats in Eindhoven, in 1971. Het werd geleid door een Nederlandse filosoof die toen aan de weg timmerde, Fons Elders. In Réfractions is daarover te lezen, waarbij de auteur van het artikel hun beider verschillende inzichten over macht met elkaar confronteert ( het debat is terug te vinden op de site van Chomsky: http://www.chomsky.info/ ).

Wat de conflictsituaties aangaat vindt men artikelen in Réfractions over het verzet van de zapatisten en over de crisis in de voorsteden van Parijs (in november 2005).

Réfractions is, net als De AS in Nederland, een blad dat alleen in de vorm van themanummers verschijnt. Dat wil niet zeggen dat producties die buiten het thema vallen, niet interessant zijn om gepubliceerd te worden. Om dat probleem op te vangen vindt men in Réfractions de rubriek Dwarslijn. Daarin nu een leerzaam artikel over de rehabilitatie van Dreyfus en de weinig bekende houding in deze affaire van de Franse libertairen uit die tijd (honderd jaar geleden). Naast dat alles zijn er veel boekbesprekingen opgenomen.

Het is allemaal geen eenvoudige kost en vaak wordt die kost nog eens op een nauwelijks volgbare wijze verwoord. Toch wordt duidelijk over welke problematiek het gaat bij dominantie. Heel treffend is wat dat aangaat het volgende voorbeeld dat ik elders aantrof, te weten in TELERAMA (jawel, een Frans televisie weekblad, maar dat zo nu en dan een bijzonder nummer uitgeeft dat helemaal niets met tv van doen heeft). In de laatst verschenen aflevering gaat het over de vrijheid uit de leus van de Franse Republiek: vrijheid, gelijkheid, broederschap (hors série, Liberté, janvier 2007). De ondertitel luidt: Vrijheid, wat hebben we ervan gemaakt?

In het bedoelde nummer is onder meer een bespreking op genomen van een enquête onder jongeren: wat vinden zij van de leus? Vrijheid is een leugenachtig woord, zegt een meisje van 13 jaar. De leus? Goed voor het kerkhof, zegt een ander. Gelijkheid? Een gemiste kans, zegt een derde. Waar komt dat jeugdig cynisme vandaan? Daarover wordt door Télérama een Franse onderzoekster, directeur van een universitair onderzoekscentrum, aan het woord gelaten. Wat zegt zij er over?

Men moet niet over het hoofd zien de situatie waarin de meeste respondenten waren geplaatst om de enquête te beantwoorden. Het betrof namelijk leerlingen van middelbare scholen in een klassikale situatie, met tegenover zich hun docenten, die hen vroegen om de vragen te beantwoorden. Deze schoolse, dus autoritaire, situatie, benadrukt de onderzoekster, gaf een wending aan de inhoud van de vragen en de vorm van de antwoorden. “Ik krijg er geen cijfer voor, dus ik zeg wat ik wil zeggen (handel vrij...), maar als ik er geen cijfer voor krijg, waarom zou ik me dan verplicht voelen wat te schrijven?”. Dat is zo’n beetje wat elke leerling innerlijk kan hebben gevoeld, aldus de onderzoekster. Een bepaald deel van de getoonde woede die uit de beantwoording van de enquête blijkt, houdt verband met dat kader (het klaslokaal), waarvan wij weten dat het tegenwoordig tamelijk agressief is.

Het lijkt me de spijker op de kop. Bovendien zou deze analyse van situationele dominantie zo aan Foucault ontleend kunnen zijn. Het is juist over die alom aanwezigheid, maar vaak onderhuidse, dominantie waar het omgaat. De hedendaagse Franse filosoof Michel Onfray werkt hier ook mee. Hij verbindt daaraan de naam van Deleuze, hier boven al genoemd.

In zijn blog, voor Michel Onfray geopend op de site van het weekblad Le Nouvel Observateur, schrijft deze over ‘une politique deleuzienne’ (zie de site: http://michelonfray.blogs.nouvelobs.com/ ). Onfray, die het conflict niet schuwt, vat hetgeen waarmee Foucault en Deleuze zich bezighielden, aldus samen.

Beiden hebben getheoretiseerd over de micro fascismen van onze tijd, dat wil zeggen over micro machten, micro totalitarismen. Alom aanwezig dus. Daar moet tegen worden gevochten in de vorm van een serie micro verzetshaarden.

Onfray produceert een hele waslijst van micro fascismen, zoals het ontslag van mensen, bijvoorbeeld wegens verplaatsing van het werk naar lage lonen landen; het geweld toegepast op een vrouw, op een homoseksueel; het zonder werk van school af komen; etc. Het is vooral de uitwerking van de brutaliteit van het dominante neoliberalisme dat veel van die micro fascismen levert.

Het teweer stellen daartegen zal moeten plaatshebben in de vorm van micro verzetshaarden, zoals Onfray daar noemt: gecoördineerde actie van mannen, vrouwen, jongeren, kortom al die betrokkenen in hun informele groepen en officiële organisaties, op Internet, bij politieke partijen en manifestaties: laat je horen, weiger, doe anders dan wordt opgelegd.

Overigens, en dat terzijde, de micro verzetshaarden doen mij denken aan de jaren zeventig van de vorige eeuw. Toen spraken wij, libertairen, over een multi-fronten activiteit. Die strategie was gericht tegen de een-front gedachte van de marxisten-leninisten, die zich vastklemden aan de klassenstrijd.

Strijd moet nog steeds worden geleverd, op veel fronten tegelijk, in micro verzetshaarden. HI HA HAPPENING, WIJ GAAN DOOR MET DE STRIJD! Ook al geroepen in de jaren zestig en zeventig. Nog zo noodzakelijk om te laten klinken, die leus.

Réfractions, nr. 17, winter 2006 / voorjaar 2007, thema: Pouvoirs et conflictualités.


Powered by Greymatter