Index pagina
Geschiedenis
Ook leuke sites
Zeg het anders priveWij kunnen er helaas ook niets aan doen!
 





 

 

04/11/2005: "Interview met Evert Jan van Hoek"

De Haagse Actie voor Azië die tot stand kwam omdat Evert Jan van Hoek ter plekke hulp verleende op Hikkaduwa (Sri Lanka) na de tsunami, is in rustiger vaarwater beland.
im005350a (36k image)
Hikkaduwa vlak na de ramp
In maart werd in Den Haag nog een rommelmarkt georganiseerd die ruim 300 euro opleverde. De onverkochte spullen zijn naar Emmaus gegaan. Hoogste tijd derhalve om de aanstichter eens aan de tand te voelen.
Klik op meer voor een interview met Evert Jan van Hoek!

Evert Jan van Hoek over zijn waas van ongeloof

“Restant donaties gaat naar speciaal project”

Evert Jan van Hoek was op het moment van de ramp in Hikkaduwa, een dorpje aan de kust van Sri Lanka. Zonder lang na te denken besloot hij daar te blijven om de lokale bevolking en de gestrande toeristen te helpen. Aanvankelijk gebruikte Evert Jan hiervoor zijn eigen geld, maar dit raakte al snel op. Door een snelle actie van een aantal Haagse vrienden zijn er diverse inzamelingen gestart waardoor hij meer gerichte hulp kon bieden. Van de tot dusver binnengekomen ruim 11000,- euro is nu nog ongeveer 3000,- euro over. “Dit geld, samen met de opbrengst van de rommelmarkt van 19 maart, gaat naar een speciaal project in Hikkaduwa,” aldus Evert Jan. Wat voor een project kan hij nog niet zeggen, dit wil hij namelijk ter plekke bepalen. Aanvankelijk was hij van plan om half april een aantal weken terug naar Hikkaduwa te gaan. Mede door de tweede grote zeebeving eind maart voor de kust van Sumatra, zijn de reisplannen uitgesteld tot later dit jaar. Hieronder vertelt Evert Jan over zijn waas van ongeloof, de hulpacties en wat er tot dusver met het gedoneerde geld is gedaan.
EvertJan (4k image)
Evert Jan van Hoek

Wat waren je eerste indrukken?
“Mijn allereerste gedachte was: er is een aanslag gepleegd, net zoiets als destijds op Bali. Ik zag alleen maar mensen in paniek door elkaar heen rennen en gillen. Maar na een poosje ‘s ochtends op het strand de chaos te hebben aanschouwd, bleek al snel dat het een verwoestende natuurramp betrof. In een waas van ongeloof ben ik vervolgens mensen gaan zoeken. Samen met een aantal andere overlevenden zijn we ‘s avonds vier kilometer landinwaarts getrokken om daar bij de ouders van strandtenteigenaar Saman te overnachten. Wat er gebeurd was, hoorde ik pas later die avond van mijn ouders toen mijn mobiele telefoon het opeens even deed.”

Wat heb je gedaan nadat je van de eerste shock bekomen was?
“Zodra het licht werd, ben ik terug naar huis gegaan. Ik wilde water kopen en de omgeving checken. Samen met twee vrienden had ik een week voor de ramp een huis gehuurd dat meer landinwaarts lag en daardoor gelukkig niet is getroffen door de vloedgolven. Een van mijn huisgenoten -Rudi, een Duitse duikleraar- was op het moment van de ramp echter op het strand. Hij raakte beklemd en ernstig gewond. Gezien er ter plaatse zo goed als geen medische hulp voor handen was, besloten hij en onze andere huisgenoot Henry naar Colombo af te reizen. Ze vroegen me of ik mee ging. Mijn antwoord was duidelijk: nee. Ik wilde in Hikkaduwa blijven, dat stond voor mij als een paal boven water.”

Waar begin je met helpen?
“Ik ben begonnen met het verzamelen van tassen met kleding van mensen die vertrokken waren of weg wilden. Het woonhuis van Saman werd als vanzelf een soort van opslagplaats annex kantoor. Daar kwamen vrijwilligers bijelkaar die eveneens hadden besloten om te blijven en te helpen. De eerste dagen brachten we busladingen met water en kleding naar de boeddhistische tempels, die uitpuilden van hulpbehoevende mensen, toeristen en locals door elkaar. Toen het meeste puin was geruimd, zorgden enkele restauranteigenaren voor gratis maaltijden, ook voor de vluchtelingen in de tempels.”

Wat heb je zoal aangeschaft met het gedoneerde geld?
“Vooral water, duizenden liters water en ook heel veel medicijnen. Ik ben in de eerste tien dagen twee keer naar Colombo geweest om grote hoeveelheden medicijnen in te kopen. Maar ook honderden kilo’s rijst, babyvoeding, droge biscuitjes, rijstcrackers en praktische dingen om onhygiënische toestanden te vermijden, zoals zeep, waspoeder, tandenborstels, maandverband, etc. etc.”

Verliep de hulpverlening zonder problemen?
“Nou nee, niet altijd. Van bijvoorbeeld de duizenden pakken babymelk die wij hebben gekocht, moesten wij de bovenkanten lostrekken –omdat daar de houdbaarheidsdatum opstond- anders zou het mogelijk doorverkocht kunnen worden. In elk rampgebied zijn er namelijk helaas altijd een aantal mensen die ergens een slaatje uit proberen te slaan. Ook zijn er nogal wat drugsverslaafden op Sri Lanka die hun werkzaamheden, zoals bijvoorbeeld spulletjes verkopen aan toeristen op het strand, van de ene op de andere dag kwijt waren en aan inkomsten moesten zien te komen. Maar ook door gewone vrouwen, vooral desperate moeders werden wij en onze busjes met hulpgoederen overvallen. Ik heb hele bizarre dingen gezien en meegemaakt.”

Wanneer kwam de ‘officiële’ hulp op gang?
“Na een aantal dagen kwam het Srilankese leger lijken ruimen. Een dikke week later kwam het Oostenrijkse leger met een doelgerichte missie: waterputten zuiveren van troep en lijken. Petje af voor het werk dat die jongens hebben verricht. Het heeft dik twee weken geduurd voordat de internationale hulp eindelijk op gang kwam. Toen kwam het Amerikaanse leger en kwamen er hulpposten van het Rode Kruis. Het leven in Hikkaduwa kwam vervolgens weer een klein beetje op gang. Na een maand ben ik naar Colombo gegaan, alwaar ik even helemaal instortte. Via de Nederlandse ambassade heb ik snel een ticket naar huis kunnen regelen.”

Wat doet zo’n heftige ervaring met je?
“Je wordt er hard van. De lucht van lijken zal ik nooit vergeten, om maar wat te noemen. Om daar een klein beetje te ontladen van de belevenissen ga je soms, samen met de andere vrijwilligers, cynische grappen maken. Maar ook praten, huilen, lachen, bellen en emailen helpt om te ontladen. Ik vond het waanzinnig dat vrienden hier zo snel actie hebben ondernomen en dat er zoveel geld is gestort! Dat stimuleerde me ook om dóór te gaan. Ik ben inmiddels alweer een aantal maanden terug in Den Haag, maar ik heb het er soms best moeilijk mee om de draad hier weer op te pakken. In april loopt het toeristenseizoen ten einde in Hikkaduwa. Ik wil dan graag terug om de mensen daar te zien én natuurlijk ook met de missie om een geschikt project te vinden om het resterende bedrag aan te schenken.”

Zoals in de inleiding al staat, gaat Evert Jan voorlopig niet terug naar Sri Lanka. We houden jullie uiteraard op de hoogte van zijn plannen!

Tekst: Therese M. Flemminks


Powered by Greymatter